(Deel 1) Inleiding

Onze honden zijn afhankelijk van ons om te overleven. Daarom moeten we weten wat we moeten doen in een noodgeval.  Allereerst willen wij er echter op wijzen dat eerste hulp weliswaar het leven van je hond kan redden, maar dat het nooit veterinaire hulp kan vervangen. Eerste hulp wordt hoofdzakelijk geboden om te waarborgen dat een dier in leven blijft totdat de dierenarts arriveert. Eerst hulp bestaat uit de volgende vijf belangrijke stappen:

  1. Een zorgvuldige beoordeling van de hond om de aard en de ernst van het letsel vast te stellen.

  2. Onderzoek van de belangrijkste lichaamsfuncties en controle van aandoeningen en algehele toestand.

  3. Noodzakelijke stappen nemen om het dier in leven te houden.  Bij een ernstig gewonde hond kan reanimatie noodzakelijk zijn.

  4. Basisbehandeling geven om eventuele pijn te verzachten en te voorkomen dat aandoeningen verslechteren.

  5. Contact opnemen met een dierenarts en professionele hulp inroepen voor de gewonde hond.

De situatie beoordelen
Zodra je een gewonde hond ziet, moet je de situatie en de hond beoordelen. Stel jezelf de vragen: 'Wat is er gebeurd?', 'Is er nog steeds wat aan de hand?' en 'Breng ik mijzelf in gevaar als ik de hond in deze situatie probeer te helpen?' Is je hond bijvoorbeeld gebeten door een andere hond, dan moet je de aanvallende hond misschien weg jagen voor je de aandoeningen van je hond kunt behandelen. In gevallen van elektrocutie, verdrinkingsgevaar en rook of brand moet je eerst aan je eigen veiligheid denken voor je je over jouw hond ontfermt. Verzeker je er altijd van dat de omgeving veilig is en de toestand niet verslechtert door actie te ondernemen.

De hond onderzoeken
Het beste kun je thuis onder normale omstandigheden oefenen met het onderzoeken van je hond. Je krijgt dan een idee van wat normaal is en kunt dan in een noodgeval sneller en efficiŽnter beoordelen wat er aan de hand is.
In het volgende hoofdstuk staan de eerste controles die je moet uitvoeren bij een gewonde hond en de handelingen die onmiddellijk moeten worden verricht als je hond bijvoorbeeld niet meer ademt.
Het eerste wat je moet controleren is of je hond nog bij bewustzijn is. (wees voorzichtig, omdat een gewond dier van zich af kan bijten).  Als dat zo is, dan kun je hem stabiliseren en controleren op tekenen van verwondingen of shock.
Is je hond echter buiten bewustzijn, controleer dan meteen zijn ademhaling.
Wanneer je hond niet ademt, moet je kunstmatige ademhaling toepassen en controleren of zijn hart klopt. Als dat niet zo is, zul je kunstmatige ademhaling moeten combineren met hartmassage (cardiopulmonale reanimatie, kortweg CPR). Deze technieken kunnen je hond in leven helpen houden tot het moment dat de dierenarts arriveert.

Controleren op verwondingen
- Als ademhaling en hartslag normaal lijken en er geen tekenen zijn die op een shock wijzen, dan kun je de hond controleren op andere aandoeningen. Hoewel deze vaak ernstiger lijken (gebroken botten bijvoorbeeld), zijn ze meestal minder levensbedreigend dan shock of ademhalings- en hartproblemen.

Je kunt je hond onderzoeken op verwondingen door voorzichtig met uw hand over zijn gehele lichaam te voelen.
- Kan je hond niet op een poot staan?  Onderzoek voorzichtig eerst het uiteinde van de poot en ga vandaar naar de romp.  - - Zoek naar wonden, bloed, zwellingen en pijnlijke gebieden. Knip met een schaar vacht weg die samengeklit is door bloed en controleer de wonde. Beweeg geen enkele ledemaat, tenzij dat noodzakelijk is.
- Vacht die samengeklit is door olie of vet kan erop wijzen dat je hond door een auto is geraakt.
- Een hond die bij bewustzijn is, maar niet kan opstaan of met een gebogen rug loopt, kan letsel aan zijn ruggengraat hebben: let op elke verandering in de lichaamsvorm.
- Controleer de kop op verwondingen en besteed veel aandacht aan de ogen. De pupillen dienen even groot te zijn. Kijk ook naar het oppervlak van de oogbal: controleer die op troebelheid en tranen.
- Als je hond het toelaat open je de bek en controleer je op verwondingen, kwijl en vreemde voorwerpen, zoals stokken en botten.
- Een hond met buikpijn kan zich ertegen verzetten dat je dat deel van zijn lichaam aanraakt, blijft hij in een gebukte houding of rekt zich regelmatig uit. De buik kan ook opgezwollen zijn en de hond kan regelmatig proberen zijn behoefte te doen.
- Als hij hoofdletsel heeft, schudt hij vaak met zijn kop of duwt zijn kop tegen een muur.


Als je hond pijn heeft of als zijn gedrag is veranderd, moet je onmiddellijk je dierenarts waarschuwen.

Verder naar deel 2

 

 

 

 

Gelieve niets van deze website over te nemen of te claimen als je eigen.
Al deze teksten zijn © van mezelf, of zijn hier geplaatst met toestemming van de schrijver.
Laatst bijgewerkt op september 2005
Webdesign en mail to: Hedera Design